Jaloerse priesters – 29 maart

29 maart 1677, tussen Nantes en Les Pont-de-Cé, Coenraad Ruysch

Wij voeren den ganschen tyt tot den avont toe met een spoedige voor wint, synde de wint seer favorabel en de rivier admirabel playsirich. Wij vernachten op een dorpie aen de rivier gelegen. Monsieur Ridolet met syn compagnion en ick met mijn knecht naemen te saemen een kaemer in en de priesters, wat te laet koomende, lieten ons versoeken van in ons geselscap te koomen, t’ welck wij niet refuseerende, haer versochten dat sij over ons haer dan niet mosten scandaliseeren, want ick een hugenots provisie van Nantes mede genoomen hadde en dat wij te saemen ons daer van meynde te dienen, waer sy seer wel te vreeden waeren en met ons aen de selve taefel eeten wilden en uyt de selfde kan drinken. Wy maeckten ons alsoo lustich vrolyck en naer ick aen haer mine sien kosten, souden sy voor die tyt wel gaere wat hugenot met ons geweest sijn.

In de laatste dagen van maart 1677 vertrok Coenraad Ruysch uit Nantes, in het gezelschap van twee katholieke priesters. Hij had van te voren verlof aangetekend om tijdens de vastendagen gewoon vlees te mogen eten en alcohol te mogen drinken. De priesters in zijn gezelschap waren daar behoorlijk jaloers over.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

w

Verbinden met %s